Arjan van den Hoek (tweede van links).
Arjan van den Hoek (tweede van links).

Arjan van den Hoek terug op het nest

Mijndense Sluis

Sluiswachter

Door Jan van Stipriaan Luïscius


REGIO > Het bloed stroomt waar het niet gaan kan. Dat geldt zeker voor Arjan van den Hoek. 


Jarenlang was hij (parttime) sluiswachter van de Mijndense Sluis tussen de Vecht en de Loosdrechtse Plassen. Hij stopte er een paar jaar geleden mee, maar keert terug naar zijn oude stek. Terug op het oude nest. Gedacht dat je zou terugkomen? ‘Echt niet. Daar ging ik absoluut niet vanuit. Zeker niet als fulltimer.’ Nu is de voormalige schipper van partyschip De Tijd en eigenaar van de Catch, waarmee hij op de Vecht woont, in dienst van de gemeente Hilversum. Arjan heeft al een behoorlijke staat van dienst op de Mijndense Sluis, zij het als parttimer. Veertien jaar geleden begon hij er, maar door omstandigheden moest hij ermee stoppen. Verleden jaar kwam het Arjan echter ter ore dat Ellen, die hoofdsluiswachter was, weer wilde vliegen als stewardess. Arjan solliciteerde. Werd aangenomen. Samen met Mike Klein vormt hij nu de functie van hoofdsluiswachter.

De Mijndense Sluis is al jarenlang ook een trekpleister bij mooie zonnige dagen voor hele stoeten dagjesmensen die de Malle Pietje Winkel met herintredende artikelen en drankjes bezoeken. Op talloze stoeltjes langs de sluis worden de capriolen van de watersporters - niet zonder leedvermaak - gadegeslagen. ‘En het blijft bijzonder om te zien, dat mensen zich soms ophangen tijdens het afschutten’, zegt Arjan. ‘Dan word je door Leo met een oorkonde geridderd als stomme zak. Dat is een heel ritueel en daar lachen we ons rot om’, zegt Arjan.

‘Wat goed benoemd moet worden, want daar heeft hij recht op: Leo Oor is er ook nog steeds. Leo is beroemd. Hij bepaalt eigenlijk alles. Niet formeel, want ik ben officieel de sluiswachter. De rol van Leo willen we vasthouden: iedereen kent hem, kent zijn humor, zijn kennis, zijn vakmanschap.’ Leo Oor werkt al bijna 52 jaar op de sluis.

Arjan vindt het heerlijk om weer aan de slag te gaan. ‘Ik denk dat ik het nog zo’n zes jaar ga doen, dan ga ik met pensioen en gaan Sheri en ik varen met de Catch. Door Nederland en andere Europese landen.’ Bij de sluis hoort ook een dienstwoning. Arjan en Sheri gaan daar (een gedeelte van de tijd) wonen.         

Het beroep van sluiswachter past Arjan als een op maat gemaakte jas. ‘Je hebt veel contacten. Ik ben ook een uitgesproken botenman, dus we delen dezelfde passie. De meeste mensen die passeren, ken ik. Ze komen allemaal uit Loosdrecht, Maarssen, Breukelen, Loenen en andere plaatsen in de buurt. Ik vind het leuk om over bootjes te praten.’ De sluiswachter heeft ook een bemiddelende taak: bij ruzies bijvoorbeeld. ‘Ik vind dat de schipper de baas is, niks democratie aan boord. Ik bemoei me er altijd mee. En zeg: de man of vrouw achter het stuur is de kapitein. Je moet gewoon doen wat hij of zij zegt. Klaar.’