
Waarom nieuwe remblokken in het natte najaar ongelijk slijten en wat de remklauw daarmee te maken heeft
Zakelijk-nieuws-landelijkNa het vervangen van de remblokken verwachten de meeste automobilisten enkele jaren geen omkijken meer naar de remmen. Toch blijkt bij een volgende onderhoudsbeurt regelmatig dat één blok aanzienlijk sneller is gesleten dan het andere, of dat het remmateriaal schuin is weggesleten. Vaak worden dan de blokken verdacht, terwijl de oorzaak meestal ligt bij het onderdeel dat de blokken tegen de schijf drukt: de remklauw.
Nu de natte herfst begint en de winter met strooizout in aantocht is, is het zinvol dit mechanisme te begrijpen. Vocht en zout veroorzaken op zichzelf geen defect, maar tasten wel de onderdelen aan die een remklauw soepel laten werken.
Wat ongelijke slijtage over uw remmen vertelt
Remblokken slijten nooit volkomen gelijkmatig, maar een duidelijk verschil verdient aandacht.
- Binnenste blok veel dunner. De klauw schuift niet goed over de geleidepennen, of de zuiger keert niet volledig terug.
- Buitenste blok verder versleten. De blokken zitten mogelijk klem in de remklauwdrager.
- Wigvormige slijtage. Dit wijst doorgaans op vervuiling of speling in de geleiding.
- Eén wiel slijt sneller dan het andere op dezelfde as. Het probleem bevindt zich aan die ene zijde.
Een slijtagepatroon geeft richting aan het onderzoek, maar vormt geen sluitende diagnose.
De remklauw als verborgen oorzaak
De meeste personenauto’s hebben aan de vooras een zwevende remklauw. Een zuiger drukt het binnenste blok tegen de schijf, waarna de klauw over de geleidepennen verschuift en ook het buitenste blok tegen de schijf trekt. Beide blokken ontvangen zo in principe dezelfde kracht.
Dit werkt alleen wanneer alle onderdelen vrij bewegen. Lopen de geleidepennen stroef, dan verricht het binnenste blok het meeste werk. Een zuiger die onvoldoende terugveert, houdt het blok tegen de schijf gedrukt, ook zonder te remmen. Vet dat niet bestand is tegen hoge temperaturen droogt uit of lekt weg en kan de rubberen bus rond een geleidepen doen opzwellen, waardoor de pen vastloopt.
Ook versleten blokken en schijven vergroten het probleem: de zuiger komt dan steeds verder uit de cilinder en kan scheef gaan lopen. Worden uitsluitend de blokken vervangen, zonder de geleiding te controleren en te reinigen, dan ontstaat de ongelijke slijtage opnieuw. Wie van plan is een remklauw te kopen, kan remklauwen van AUTODOC vergelijken op zuigerdiameter, inbouwplaats en handremfunctie.
Hoe vocht en strooizout de remklauw belasten
Geleidepennen en zuigers zijn afgeschermd, maar niet waterdicht. Vuil en vocht belemmeren hun beweging en vocht leidt tot corrosie, zeker wanneer de rubberen stofkappen beschadigd zijn. In de winter tast strooizout die stofkappen bovendien voortijdig aan, en ook sterke temperatuurwisselingen versnellen het corrosieproces.
Het gebruik van de auto speelt eveneens mee. Bij langdurig stilstaan neemt de kans op vastzittende remmen toe, en remmen die zelden op temperatuur komen, drogen minder snel op. Dit geldt voor:
- auto’s die voornamelijk korte ritten maken;
- elektrische en hybride auto’s, die veel remwerking via de elektromotor realiseren.
Het weer is dus geen directe oorzaak van een defect, maar kan een bestaand slijtageproces wel versnellen.
Wanneer de oorzaak elders ligt
Ongelijke slijtage kan ook andere oorzaken hebben:
- De remschijf. Een slingerende of ongelijk dikke schijf belast de blokken ongelijkmatig.
- Veren en clips. Ontbrekende of onjuist geplaatste exemplaren geven een vergelijkbaar beeld.
- De remslang. Een inwendig verouderde slang kan verhinderen dat de druk na het remmen wegvalt.
- De remvloeistof. Oude vloeistof bevat meer vocht en bevordert corrosie; een te stroperige vloeistof laat de zuigers slecht terugkeren.
Zo herkent u een haperende remklauw
Een remklauw die niet meer soepel werkt, is vaak te herkennen aan:
- een auto die bij het remmen naar één kant trekt;
- één velg die na een rit duidelijk warmer is of meer remstof bevat;
- een brandlucht of een schurend geluid, ook zonder te remmen;
- een blauwachtig verkleurde remschijf, vaak met trillingen in stuur of rempedaal.
Geen van deze verschijnselen is op zichzelf doorslaggevend; trekken naar één kant kan ook door de uitlijning of de banden komen. In combinatie met ongelijk gesleten, recent vervangen blokken wijzen ze echter duidelijk naar de remklauw.
Kiezen tussen revisie en vervanging
Bij een controle worden:
1. de geleidepennen gedemonteerd, gereinigd en ingevet met hittebestendig remvet;
2. de steunvlakken in de drager gereinigd;
3. de zuiger en de stofkap beoordeeld.
Vaak volstaat een reparatieset met zuigers, geleidepennen, stofkappen en afdichtingen, bij voorkeur gemonteerd door een vakman. Is de zuiger ernstig aangetast of zit de klauw vast, dan is vervanging doorgaans praktischer. Let bij de keuze op:
- Uitvoering: vuistzadel, met geïntegreerde handrem of met aandrijving voor de elektrische parkeerrem.
- Zuigerdiameter: van 34 tot 57 millimeter bij gangbare uitvoeringen.
- Inbouwplaats: links of rechts, voor of achter.
- Remschijfdikte.
Vergelijk de specificaties altijd met die van het oude onderdeel. Vervang remklauwen bij voorkeur per as en beoordeel daarbij ook blokken en schijven: oververhitte of scheef gesleten blokken horen niet terug op een nieuwe klauw. Na iedere ingreep in het hydraulische systeem moeten de remmen correct worden ontlucht.





























