
UPLG vastgesteld: bouwen aan de toekomst van het Utrechts landelijk gebied
NieuwsREGIO > Gedeputeerde Staten (GS) van de provincie Utrecht hebben het definitieve Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) 2026-2035 vastgesteld. In dit programma staat hoe de provincie de komende jaren werkt aan natuurherstel, verbetering van water en bodem, klimaatopgaven en een toekomstbestendige landbouw. Het UPLG bevat een samenhangend pakket aan maatregelen dat vergunningverlening stapsgewijs weer mogelijk maakt. Tegelijk met het UPLG hebben GS de conceptbeantwoording van de zienswijzen op de Ontwerp wijziging Omgevingsvisie en Omgevingsverordening vastgesteld. Het programma voor het landelijk gebied hangt hier nauw mee samen.
De uitdagingen in het Utrechts landelijk gebied zijn groot. Herstel van natuur, water en bodem is noodzakelijk en de gevolgen van klimaatverandering worden steeds zichtbaarder. Ook leven veel agrariërs, PAS-melders en ondernemers al jaren met onzekerheid doordat de vergunningverlening onder druk staat. Dat raakt niet alleen de landbouw, maar ook andere opgaven die belangrijk zijn voor de inwoners van Utrecht, zoals woningbouw, de energietransitie en economische ontwikkeling. Met het UPLG zet de provincie een belangrijke stap om meer duidelijkheid en perspectief voor deze opgaven te bieden.
Plannen van het Rijk
De provincie ziet in de onlangs gepresenteerde plannen van het Rijk dat de doelen op hoofdlijnen aansluiten bij die van het UPLG, maar dat er verschillen zijn in de uitwerking. Ook bevinden beide plannen zich in een andere fase. Het UPLG is een stevig en uitvoerbaar fundament waar we nu mee aan de slag gaan. Zodra het Rijk zijn beleid definitief heeft uitgewerkt en wettelijk heeft vastgelegd, wordt het UPLG daar, waar nodig, op aangepast. Zo wordt voorkomen dat verschillende normen naast elkaar worden gehanteerd.
Ruimte voor eigen invulling
Niets doen betekent in dit geval achteruitgang. Daarom kiest Utrecht voor een aanpak die realistisch én voortvarend is. Met bindende maatregelen, maar zeker ook ruimte voor eigen invulling. Zo kunnen agrariërs op hun bedrijf zelf kiezen met welke maatregelen ze de stikstofuitstoot gaan verminderen door toepassing van bijvoorbeeld voer- en managementmaatregelen, innovatie of extensivering.
Het UPLG beschrijft hoe Utrecht invulling geeft aan nationale en Europese doelen op een manier die past bij de provincie, de landschappen en de mensen die er wonen en werken. Daarbij is landbouw nadrukkelijk een volwaardige pijler naast natuur, water en bodem, en klimaat.
Tot stand gekomen met inbreng uit de samenleving
Het programma is het resultaat van een intensief traject van ruim drie jaar. Agrariërs, natuurorganisaties, waterschappen, gemeenten, inwoners en andere betrokkenen hebben in die periode meegedacht over de toekomst van het landelijk gebied. Op het Ontwerp-UPLG werden ongeveer 1.700 zienswijzen ingediend. Gedeputeerde Gijs de Kruif (Transitie Landelijk Gebied, Natuur en Landbouw) zegt hierover: “Dat grote aantal zienswijzen laat zien hoeveel mensen zich verbonden voelen met ons landelijk gebied. De zorgen, ideeën en suggesties hebben een plek gekregen in het definitieve UPLG. Niet iedereen zal zich volledig herkennen in het eindresultaat en dat kan waarschijnlijk ook niet. Ik hoop dat mensen zien dat we samen werken aan een toekomstbestendig landelijk gebied en begrijpen waarom daar soms ingrijpende keuzes voor nodig zijn.”
Aanpassingen op basis van reacties en onderzoeken
De provincie heeft alle zienswijzen zorgvuldig beoordeeld. Ook zijn de opmerkingen van Provinciale Staten, de adviezen van de Commissie voor de milieueffectrapportage (MER) en aanvullende juridische, financiële en bedrijfseconomische onderzoeken betrokken bij de definitieve afweging. Dat heeft geleid tot verschillende wijzigingen in het programma, waarbij de doelen van het UPLG blijven staan. De wijzigingen die gevolgen hebben voor de Omgevingsverordening zijn verwerkt in het voorstel tot wijziging daarvan. Provinciale Staten nemen hierover naar verwachting in november 2026 een besluit.
Aanpassingen natuurherstel en -beheer:
Veel indieners van een zienswijze vroegen om meer aandacht voor het beheer van Natura 2000-gebieden en aanvullende maatregelen voor natuurherstel. Daarom introduceert het UPLG een Strategie Natuurherstel. De strategie richt zich, naast de stikstofmaatregelen, onder meer op concrete maatregelen voor hydrologisch herstel en het versterken van natuurverbindingen in de overgangsgebieden. De strategie wordt de komende jaren verder uitgewerkt en de aanpak wordt, waar nodig, aangescherpt bij de actualisatie van het UPLG in 2028. Daarnaast gaat de provincie samen met terreinbeherende organisaties en particuliere landgoedeigenaren investeren in beter natuurbeheer en een structureel betere financiering daarvan.
Aanpassingen generieke stikstofnorm:
Naar aanleiding van zienswijzen zijn ook de generieke stikstofnormen (die in 2035 gerealiseerd moeten zijn) aangepast. Voor de grondgebonden veehouderij kiest de provincie voor een norm van 42 kg stikstof per hectare per jaar (in plaats van een bandbreedte van 40-42 kg zoals eerder werd voorgesteld). Deze norm treedt alleen in werking (vanaf 2030) als de provincie-brede ammoniakreductie onvoldoende is bereikt.
In het Ontwerp UPLG werd een emissiereductie van 90-95% voor alle stallen van de niet-grondgebonden veehouderij voorgesteld. In het definitieve UPLG is vastgelegd dat voor nieuwe stallen een reductie van 90–95% geldt en een reductie van 80% voor bestaande stallen ten opzichte van traditionele stalsystemen, ook te realiseren in 2035.
Aanpassingen gebiedsgerichte stikstofmaatregelen:
De inwerkingtreding van de maatregelen in de stikstofzones is verschoven van 1 januari 2027 naar 1 januari 2029, evenals het bemestingsverbod in de Natura2000-gebieden. Invoering per 1 januari 2027 is voor zowel agrarische ondernemers als de provinciale organisatie te vroeg gebleken. Gedeputeerde Staten stellen daarom voor de datum aan te passen in de gewijzigde Omgevingsverordening die in november 2026 door Provinciale Staten wordt vastgesteld.
Aanpassingen fruitteelt:
Omdat uit onderzoek blijkt dat de huidige bijdrage van de fruitteeltsector aan de stikstofuitstoot in de overgangszones beperkt is, zijn voor deze sector wijzigingen doorgevoerd. In de stikstofzones blijft het bestaande gebruik van kunstmest en Renure voor de huidige fruittelers mogelijk. Daarnaast is voor de biologische fruitteelt een uitzondering opgenomen voor de generieke en de gebiedsgerichte stikstofmaatregelen.
Volgende fase
Nu het UPLG is vastgesteld, begint een volgende fase. De komende jaren werkt de provincie samen met agrariërs, terreinbeheerders, gemeenten, waterschappen en andere partners aan de uitvoering van de maatregelen. Daarbij blijft ruimte bestaan voor processen die al in gang zijn gezet en gebiedsgerichte oplossingen. De uitvoering van het programma vraagt inzet van veel partijen en brengt op sommige plekken ook ingrijpende veranderingen met zich mee. De provincie realiseert zich dat de veranderingen voor sommige ondernemers ingrijpend kunnen zijn. Niet iedereen zal zijn of haar bedrijf op dezelfde manier kunnen voortzetten. Daarom wil de provincie agrariërs zo goed mogelijk ondersteunen bij de keuzes die voor hen liggen.
Geen eindpunt
Gedeputeerde de Kruif: “In veel gebieden zie ik mensen die niet tegenover elkaar willen staan, maar samen verder willen. Mensen die verantwoordelijkheid nemen en met oplossingen komen voor hun omgeving. Die energie geeft mij vertrouwen. Met dit programma zijn de uitdagingen van morgen niet direct opgelost, maar zetten we wel een belangrijke stap vooruit.” Het UPLG is daarmee geen eindpunt, maar een stevige basis voor de nabije toekomst, legt hij uit: “Een basis om verder te werken aan een vitaal landelijk gebied, waarin natuur, landbouw, water, bodem en economie met elkaar in balans zijn. De volgende stap is de uitvoering. Die krijgt vorm in de gebieden zelf, samen met de mensen en organisaties die er wonen, werken en betrokken zijn. Zo bouwen we voort op de energie en initiatieven die er nu al in de verschillende gebiedsprocessen zijn.”
UPLG biedt duidelijkheid en maakt uitvoering mogelijk
De plannen van het Rijk worden de komende maanden verder uitgewerkt en besproken. Met het UPLG heeft de provincie nu al een volledig uitgewerkt, doorgerekend en financierbaar programma waarmee direct aan de slag kan worden gegaan om de natuur te herstellen, agrariërs weer perspectief te bieden en de vergunningverlening stapsgewijs weer op gang te brengen.
Met de vaststelling van het UPLG kan de benodigde stikstofreductie worden geborgd, zodat handhavings- en intrekkingsverzoeken kunnen worden afgewezen. Ook kan een start worden gemaakt met doelsturingsvergunningen en kan worden doorgewerkt in de gebiedsprocessen die al zijn ingezet.
Het Rijk kiest als uitgangspunt voor sturing via fosfaatrechten, terwijl Utrecht uitgaat van normering op ammoniakuitstoot per hectare. Ook blijft de provincie inzetten op een stikstofzone van 250 meter. Daarover is de provincie met het Rijk in gesprek. Zodra het Rijksbeleid definitief is uitgewerkt en wettelijk is vastgelegd, past de provincie het UPLG waar nodig daarop aan.
Wijziging Omgevingsvisie en -verordening
Parallel aan het vaststellen van het UPLG, wijzigt de provincie de Omgevingsvisie en -verordening. Het UPLG is een programma onder de Omgevingsvisie en werkt het beleid voor het landelijk gebied gedetailleerder uit. De Omgevingsvisie beschrijft hoe de schaarse ruimte in de provincie Utrecht tot 2050 zo goed mogelijk wordt gebruikt. Het gaat dan onder meer om ruimte voor wonen en werken, bereikbaarheid, duurzame energie, recreatie, herstel en uitbreiding van natuur en een toekomstbestendige landbouw. In de verordening staan de bijbehorende regels. De regels voor landbouw en stikstof en de natuurbegrenzingen die in het UPLG zijn aangekondigd, worden vastgelegd in de Omgevingsverordening.
Op de wijziging van de Omgevingsvisie en -verordening zijn zo’n 1000 zienswijzen ingediend. GS hebben de conceptbeantwoording hiervan nu vastgesteld. Provinciale Staten bespreken de wijzigingen van Omgevingsvisie en -verordening in het najaar en nemen, naar verwachting, 18 november een definitief besluit. Het beleid en de regels gaan in op 1 januari 2027, afgezien van sommige landbouw- en stikstofregels die later in werking treden.
Meer informatie over het Utrechts Programma Landelijk Gebied is te vinden op provincie-utrecht.nl/uplg.





























