
Onderzoek naar oprichting van regionaal warmtebedrijf in Utrecht
OndernemendREGIO > Voor een deel van de woningen en gebouwen in de provincie Utrecht is een collectief, duurzaam warmtenet de beste oplossing om van het aardgas af te gaan. Om gemeenten te helpen om dit voor hun inwoners op een betaalbare en betrouwbare manier te realiseren, bereiden de provincie, NetVerder en Nationale Deelneming Warmte (ondergebracht bij EBN) de oprichting voor van een regionaal warmtebedrijf. Dat is een wijziging van het eerdere besluit om een bedrijf op te richten dat samen met gemeenten meerdere lokale warmtebedrijven zou realiseren
Het realiseren van collectieve warmtenetten is een belangrijk onderdeel van de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Deze warmtenetten maken gebruik van (opgeslagen) warmte uit lokale duurzame warmtebronnen zoals aquathermie en aardwarmte. Bovendien kunnen warmtenetten helpen om het overvolle elektriciteitsnet (netcongestie) minder te belasten. Door een deel van de woningen en gebouwen te verwarmen via collectieve systemen uit duurzame bronnen zijn individuele warmtepompen op elektriciteit op die plekken meestal niet nodig.
Efficiënter bij het verduurzamen van de warmtevoorziening
De provincie Utrecht is al enkele jaren in gesprek met gemeenten over de manier waarop ze kan ondersteunen. Veel gemeenten hebben aangegeven dat ook voor hen één regionaal warmtebedrijf beter en efficiënter werkt bij het verduurzamen van de warmtevoorziening dan meerdere lokale warmtebedrijven. Gemeenten kunnen het regionale warmtebedrijf de opdracht geven om collectieve warmtenetten te realiseren.
Besluitvorming
De provincie Utrecht, NetVerder en Nationale Deelneming Warmte werken nu samen aan een businessplan. Daarbij wordt ook rekening gehouden met de aandachtspunten die Provinciale Staten hebben meegegeven. Duurzaamheid, betrouwbaarheid en betaalbaarheid is belangrijk, net als een goede betrokkenheid van inwoners. Naast de ontwikkeling van een regionaal warmtebedrijf wordt er ook gewerkt aan de ondersteuning van warmtegemeenschappen. De doelstelling is dat Provinciale Staten dit najaar een besluit kunnen nemen over provinciale deelname aan het regionale warmtebedrijf en de beschikbaarstelling van de benodigde middelen.





























