
Goed broedseizoen voor weidevogels in de Utrechtse Venen!
NieuwsREGIO > De weidevogels in het werkgebied van agrarisch collectief BoerenNatuur Rijn, Vecht & Venen hadden in 2026 een goed broedseizoen. De hoge aantallen broedende paartjes kievit (ruim 700), grutto (ruim 700), scholekster (ruim 300), tureluur (ruim 400) en slobeend (ruim 100) waren vergelijkbaar met die in 2025.
Om de resultaten echt te kunnen meten, moeten we kijken naar het aantal kuikens dat uitvloog. Uit tellingen bleek dat eind mei tachtig procent van de grutto’s nog met kuikens rondliep. Een percentage dat ruim voldoende is om de populatie in stand te houden. Ook had rond die tijd het overgrote deel van de tureluurs nog kuikens. Voor de kievit is de inschatting lastiger te maken, maar er zijn veel meer grote én ‘vliegvlugge’ (volgroeide) kievitskuikens gezien dan de afgelopen jaren.
Dit was waarschijnlijk te danken aan de 130 (greppel)plasdrassen (een deel van een weiland dat onder water is gezet en waar veel vogelvoedsel als insecten op af komt). Ook hebben we om die reden het waterpeil van 15 kilometer aan sloten verhoogd, en was het in de vroege fase van het kievitskuikenleven, eind april en begin mei, dagenlang niet koud en regende het niet. Daardoor hoefden de kuikens niet warm gehouden te worden en konden ze veel tijd besteden aan eten zoeken. De grutto’s en tureluurs profiteerden van de bijna negenhonderd hectare grasland die pas laat, in juni, werden gemaaid of waar speciaal voor hen werd beweid. Dit zorgde voor voedsel (insecten) en rust. We hebben ook geprofiteerd van het grote aantal muizen in de polders. Dat was voor de predatoren, zoals roofvogels, marterachtigen en vossen, een mooi kostje, waardoor er minder ‘aandacht’ was voor de weidevogelkuikens.
Net als vorig jaar viel van begin maart tot begin mei weinig regen. De regen later in mei en in juni viel waarschijnlijk precies op het goede moment. Bovenop de reguliere plasdrassen werden er nog twintig extra (kortdurende) plasdrassen aangelegd en verlengden we ruim 35 bestaande greppelplasdrassen. Op ruim 75 hectare productiegrasland werd het maaien met nog minimaal twee weken uitgesteld met het oog op nesten en kuikens.





























